Neanderthaler-virus nog springlevend

Door omstandigheden was het al weer twee maand geleden dat we op zoektocht gingen naar Neanderthaler-gereedschap. Ondanks de teleurstellende resultaten van onze vorige zoektocht en ondanks de rondwarende virussen, was bij tien man het Neanderthaler-virus te sterk om af te zien van deelname aan een survey op onze favoriete akker te Peest. Op advies van de instanties ging de begroeting deze keer met een elleboogje. Het zoekweer was ideaal, met een gebroken zonnetje en prettige temperatuur; alleen de wind was vrij stevig. De boer had gras op het land uitgestrooid waardoor de zichtbaarheid niet overal even goed, of ronduit slecht was. Gelukkig was concentratie B aan deze actie ontsnapt.

Nog voordat de zoektocht eigenlijk begonnen was raapte Gijsbert een Mesolithische kling op het pad naar de akker op. Dat was toch wel opmerkelijk; bij de bouw van de gebouwen voor Staatsbosbeheer was helemaal niets gevonden. Zo begon de dag goed.

De route naar B, over C, was bedekt met gras. Dit leverde dan ook niets op. Maar bij B was het gelijk raak met een kernfragment. De westrand van de akker leverde aanvankelijk niets op. Pas op de terugweg, en dan helemaal aan het eind raapte Giel een prachtige afslag op, precies in de hotspot van concentratie B.

De forse afslag van Giel, midden uit concentratie B.

Hierna tot de lunch zochten we de oostelijke helft van de akker ter hoogte van concentratie B af.

Voor de lunch lag ons ter beschikking een comfortabele eiken stam.

Na de lunch zochten we de westelijke helft van B af. Hier hadden nog aardig wat successen met een kernfragment, en afslagen.

Opmerkelijk was de vondst van een Jong Paleolithische kling wat hoger op de akker, net binnen het bereik van ons survey-gebied van concentratie B. Deze was gemaakt van prachtige licht doorschijnende vuursteen. De kling was solitair. Het roept de vraag op of er meer uit deze periode op de akker ligt van een kampement.

De Jong Paleolithische kling gevonden door Gijsbert

Na zo lange tijd konden we het natuurlijk niet laten om even in het vuistbijlen vak te kijken (concentratie A). Hier raapte Marcel al snel een distaal fragment van een afslag op. Maar daar bleef het ook bij.

Het registreren en inmeten van het afslagfragment in het vuistbijlen vak.

Met een vondsttotaal van 2 kernfragmenten, 4 afslagen en als bonus een prachtige Jong Paleolithische kling was het weer een succesvolle dag.

Orvelte kromboom

We hadden het plan opgevat eens ergens anders te kijken. Een plek die al langer op ons verlanglijstje stond was Orvelte Kromboom. In het verleden was hier ooit een goede afslag opgeraapt. En vorig jaar is er door De Steekproef geboord om inzicht te krijgen van de opbouw van de bodem. Onze simpele gedachtegang was dat als er één ligt er meer.

Het weer was niet al te uitnodigend: regen, en veel wind. De akker was recentelijk ingezaaid met groenbemester, waardoor de grond nog vrij rul was. Aanvankelijk twijfelden of we erop konden gaan, maar we besloten het toch te doen; de plantjes zouden onze voetstappen wel overleven; daarnaast wordt de groenbemester niet geoogst. We waren vijf man sterk: Marcel, Gijsbert, Giel, Jan, en Sander.

De grote akker bij Orvelte lachte ons uitnodigend toe.

De regen en wind sloeg ons om de oren in de ochtend. Dit bemoeilijkte het zoeken. We hebben eerst de korte westzijde afgezocht. Vervolgens de lange zuidzijde. Vervolgens hebben we besloten op aanraden van Sander om de westzijde te doen, omdat de afslag uit die hoek kwam.

Na de lunch werd het iets droger. We raapten twee afslagjes uit het Mesolithicum op. En daar zou het bij blijven. Wel hebben we nog de oostzijde van de akker nog vluchtig bekeken.

Foute afslag?

De storm van een week eerder was gaan liggen en weer opgestaan. Toch gingen we weer het veld in bij Peest. Marcel moest een lezing geven voor Staatsbosbeheer en dat kon mooi gecombineerd worden met een zoektocht. We waren met 9 man sterk, die de stormachtige wind, de hagel en de regen wilden trotseren. Door de vele regen stonden er behoorlijk wat plassen op de akker.

Het zoeken op de natte akkers in stormachtige wind met hagel en regen bleef toch niet zonder resultaat.

Deze keer stond concentratie A, het vuistbijlvak, en die zijde van de akker op het programma. Er was al geruime tijd geen vondst meer uit die zijde gekomen. Een controlezoektocht was op zijn plaats.

Al vrij snel na ons vertrek raapte Marcel een eerste afslag op. Dat was dan ook de oogst voor de ochtend. Hij moest eerst van het veld af voordat er weer gescoord kon worden. De eerstvolgende treffer kwam van Johan; een enorme afslag van zeer grofkorrelige vuursteen. Hierdoor waren details slecht te zien; desalniettemin is het stuk herkend in ingemeten.

Johan met zijn enorme afslag.

Hierna was het de beurt aan Giel. Hij vond een afslag de extreem scheef was, waardoor twijfel was gerezen of het er wel een was. Was het wel een goede? Of was het een foute?

De extreem scheve afslag van Giel.

Als we kijken naar de ‘kern’ / ‘halffabricaat van een vuistbijl’, eerder opgeraapt door Giel, dan zien we precies waar een dergelijke scheve afslag vandaan kan komen.

De kern of halffabricaat van een vuistbijl toon waar zeer scheve afslagen vandaan komen: in dit geval een negatief ervan die midden boven begint en schuin naar rechts onder loopt.

Het feest was nog niet voorbij: want Johan raapte nog een fragment van een afslag op. En Pierre mocht zich de gelukkige vinder noemen van een mogelijk kernfragment. Troostprijzen waren er ook: namelijk nogal wat mesolithisch materiaal.

De vrijwilligers van Staatsbosbeheer hadden op de vrijwilligersdag onder andere een lezing van Marcel Niekus, die hun daarna mee het veld in nam.

Tijdens de zoektocht kregen we bezoek van de vrijwilligers van Staatsbosbeheer.

Na afloop mochten we aanschuiven bij de borrel van Staatbosbeheer